In het evangelisch christendom bespeur ik een verwarrende combinatie van geloof en optimisme.
Er wordt vaak gezegd tegen me: Geloof houden he!. Nu kan dit op 2 manieren worden uitgelegd. De ene zou je kunnen omschrijven als: je omstandigheid is beroerd en zal waarschijnlijk niet veranderen maar ik moedig je toch aan geloof te houden in God. De tweede mogelijkheid is geloof houden dat het wel goed komt dat God je geneest. Ik denk dat vaak de 2e mogelijkheid stilzwijgend wordt bedoeld. Als je zoals ik 30 jaar daarom hebt gebeden en met mij veel van mijn geliefden en gemeenteleden dan wordt dat een hele opgave. Sterker nog we hebben geen enkele garantie op genezing. Hoezeer ik dat ook geloof dat God kan en wil genezen; de realiteit is dat slechts sporadisch mensen worden genezen. Op dat moment denk ik dat geloof en optimisme met elkaar worden verward. Temeer nog dat we ook niet willen weten dat er ellende is en dat veel uitingen, hartstochtelijke verwijten en wanhoop juist in de bijbel veelvuldig voorkomen. (Iemand zei eens; alle verwijten die atheïsten christenen en God voor de voeten werpen staan allang in de bijbel).
Optimist en – of christen.
Maar het is alsof de hedendaagse christen alleen als optimist te boek wil staan en de beleving van worstelen met God en alles eruit knallen wat je dwars zit, dus ook de negatieve gevoelens, voor minderwaardig houdt. Ik vind het heerlijk om Job te lezen die geen enkel blad voor de mond neemt en zelfs door God wordt geprezen. Ik moet echter erkennen dat me dit zelf ook heel moeilijk afgaat. Ik wil God wel uitleggen dat ik negatieve gevoelens heb maar dat rechtstreeks te uiten, dat kost met zoveel moeite. Ik ben misschien ook wel teveel verbonden met dit optimisme dat ik me vreselijk schaam voor mijn negatieve gevoelens. Ik weet echter dat er geen andere weg is dan dit toch te uiten want God houdt niet van vormelijkheden maar van oprechtheid. Het lijkt wel een huwelijk?